Luis in de pels

 

Geen blad voor m’n mond;
geen ding ik niet zou zeggen
Heb m’n eigen optiek,
probeer dát maar te weerleggen (!)

Geen plaat voor m’n kop;
heb geleerd zelf te denken
Zo’n zicht op realiteit,
moet de Lieve Heer (ons) nog schenken (!)

Geen haar op m’n hoofd,
niet geneigd eens oud te worden;
eeuwig jong en in strijd,
met zij van de gevestigde orde;

gewoon niet de persoon,
van puzzelen en ganzenborden (…)

Nee, aan overtuiging geen gebrek,
geen expeditie op zoek naar woorden
Niet geroepen te verworden,
tot de massa en haar horden…

Luis in de pels,
bestemd om te verdorren,
toch tevreden met m’n bestaan
en wat ik ben geworden;

gewoon niet de persoon,
van puzzelen en ganzenborden (…)

 

-Rob-